Lichamelijk onderzoek

In mei 2014 meldde het NTvG: ‘Coassistent onderzoekt patiënt maar half’. In juni 2014 deed METRO nog een duit in het zakje: ‘Coassistenten voeren het lichamelijk onderzoek op patiënten slecht uit, wat mogelijk zou kunnen leiden tot verkeerde diagnoses’. Zowel het NTvG als METRO baseren hun artikelen op een onderzoek uitgevoerd door het RadboudUMC in Nijmegen. De onderzoekers stelden dat coassistenten gemiddeld maar 60 procent van de verplichte onderdelen van het lichamelijk onderzoek uitvoeren en dat dit zou kunnen leiden tot verkeerde diagnoses.

Over de opzet van dit onderzoek en het generaliseren van de resultaten kan gediscussieerd worden. Toch roept dit onderzoek wel verdere vragen op: 'Is het onderwijs over lichamelijk onderzoek wel van voldoende kwaliteit?' En: 'Hoe denken coassistenten zelf over hun lichamelijk onderzoek?'

Uit de jaarlijkse enquête van De Geneeskundestudent van 2014 blijkt dat geneeskundestudenten het onderwijs in lichamelijk onderzoek als 'goed' waarderen. Het onderwijs wordt tijdens bachelorfase wel hoger gewaardeerd dan tijdens de masterfase. Voornamelijk het aantal feedbackmomenten tijdens de master verdient meer aandacht. De Geneeskundestudent pleit voor kwalitatief goed onderwijs met voldoende supervisie en begeleiding, waardoor geneeskundestudenten hun vaardigheden in lichamelijk onderzoek optimaal kunnen ontwikkelen. 

 

 

 

 

 

 

 

Lees ook:

Wil jij je mening delen over dit onderwerp of heb je een vraag? Laat het ons weten via e-mail, Facebook of Twitter!